Adrianne van Waardenberg


‘Tijd voor veranderingen in de wedstrijdsport’


De kurk waar de Nederlandse paardensport op drijft, zo mogen we de wedstrijden op breedtesportniveau gerust bestempelen. Als onderdeel van het project Van hand veranderen verandert vanaf dit jaar het een en ander in deze wedstrijdsport. Een ideale gelegenheid om Adrianne van Waardenberg voor het voetlicht te brengen, de nieuwe manager Wedstrijdsport.

‘Zo veel regels zijn niet altijd in het voordeel van de sport’

Adrianne van Waardenberg is geen onbekende in de KNHS-werkorganisatie. Eind 2018 is haar focus verschoven naar de breedtesport vanwege haar nieuwe functie als manager Wedstrijdsport. Adrianne noemt deze wedstrijdsport het kloppend hart van de KNHS en graag benadrukt ze de bijzondere en toch ook wel luxe positie waarin we ons in dit kikkerlandje bevinden. ‘Nederland heeft een zeer fijnmazige paardensportinfrastructuur. Dat is uniek in de wereld. Wij kunnen elke dag van de week een wedstrijd rijden als we dat willen. Bovendien hebben we een heel mooi registratie- en kwalificatiesysteem. Dit bepaalt jouw niveau als ruiter en het niveau van het paard.’

Wilde wedstrijden

Dit betekent niet dat we met het oog op de toekomst achterover kunnen leunen. Voldoende uitdagingen wachten ons en Adrianne somt twee ontwikkelingen op die daaronder vallen: ‘Ik denk allereerst aan de voortgaande individualisering. Deze maatschappelijk brede ontwikkeling heeft consequenties voor de beleving en de aantrekkelijkheid van de paardensport. Het mooie van paardrijden is dat je het samen doet. Met je paard natuurlijk, maar ook met je instructeur, collega-ruiters, juryleden, parcoursbouwers, ringmeesters en wedstrijdorganisatoren. De wedstrijd is de plek waar je gelijkgestemden ontmoet, waar je je echt kunt meten met anderen en van elkaar kunt leren, en ook samen een drankje en een hapje kunt doen na afloop van je proef.


De uitdaging is om, in samenwerking met wedstrijdorganisatoren, de wedstrijd weer een fantastische beleving te laten zijn voor iedereen. Een andere grote uitdaging is het ontstaan van meer wilde wedstrijden. Deze wedstrijden worden niet onder de reglementen van de KNHS verreden. Daar zijn dus geen KNHS-officials aanwezig die paardenwelzijn, veiligheid en eerlijke sport waarborgen. Dat is, met de steeds kritischere houding van de maatschappij, overheid en dierenbeschermingsorganisaties, een gevaar voor de toekomst van onze sport. Ruiters, rijders en voltigeurs moeten er wat mij betreft om die reden dan ook niet aan willen deelnemen.’

Laagdrempeliger en leuker

Als we de hand in eigen boezem steken, houdt bovenstaande in dat de KNHS moet aanbieden waar in de sport behoefte aan is. De sport zelf en de wijze waarop de sport in de toekomst kan worden beoefend, vragen om aanpassingen in beleid. Zo mag de paardensport in algemene zin laagdrempeliger en leuker worden. Dit behoort tot de speerpunten van het project Van hand veranderen, dat begin 2018 is gestart. Adrianne: ‘Onze leden willen een sterke KNHS, die staat voor de paardensport, zorgt dat de sport leuk en toegankelijk blijft en waar je terecht kunt voor kennis.’


Bij een dermate groot veranderproject wordt niet over één nacht ijs gegaan, maar is het wel de bedoeling dat de leden in de wedstrijdsport hier daadwerkelijk iets van merken in 2019. De manager Wedstrijdsport neemt ons mee in wat we dit jaar en in de periode daarna kunnen verwachten: ‘We willen starten met leeftijdsgericht paardrijden voor de jeugd. Het is enorm belangrijk dat de jeugd blijft paardrijden en dat kinderen en tieners als ze willen sporten, steeds weer de weg vinden naar de manege of vereniging. Op dit moment is bij het rijden van wedstrijden weinig onderscheid tussen kinderen en volwassen. Wanneer je als achtjarige op een C-pony rijdt, rijd je dezelfde proeven als volwassenen en kom je op wedstrijden uit tegen bijvoorbeeld zestienjarigen. Dat willen we in 2019 veranderen, zodat je tegen leeftijdsgenoten uitkomt en wedstrijden rijden leuker wordt. We starten met een pilot van jeugdrubrieken in de dressuur en we organiseren jeugddagen in het springen.’

‘Als je paardrijdt, hoef je niet alles te weten.
Daar is de KNHS voor’

Huiswerk

Waar bovenstaande bovenal betrekking heeft op de jeugd, is het de bedoeling dat de wedstrijdsport vanaf dit jaar in zijn geheel iets merkt van een andere ambitie: het inzetten op minder regels en op eenvoudigere regels. Adrianne: ‘De afgelopen jaren hebben we de wedstrijdsport best ingewikkeld gemaakt. We hebben reglementen opgesteld die pagina’s dik zijn, en bovenop de regels weer uitzonderingsregels bedacht en daarvoor kun je als ruiter dan weer dispensatie aanvragen. Zo veel regels zijn niet altijd in het voordeel van de sport. Het moet juist leuker, simpeler en makkelijker zijn om op wedstrijden te gaan en te blijven rijden. De bewustwording is er, ook in de disciplinefora, dat we er niet elke keer een regel bij moeten verzinnen als we één dingetje in het veld constateren. Helemaal niet op het lagere niveau, tot en met de klasse L. Dat moet allemaal eenvoudiger kunnen. Paardenwelzijn, veiligheid en fairplay zijn en blijven de belangrijkste uitgangspunten van onze reglementen, maar als het bijvoorbeeld over een bepaalde kleur rijbroek gaat, moeten we daar niet al te moeilijk over willen doen.’


Een verbeterslag is ook te maken in de feedback die dressuurruiters krijgen van juryleden. Die feedback kan vanuit de officials positiever, aldus Van Waardenberg. ‘Er is behoefte aan meer onderbouwing van de cijfers die op het protocol staan. De officials kunnen zo op een positieve manier huiswerk meegeven. Daar kun je als ruiter aan werken en het een volgende keer op wedstrijd laten zien. Op alle niveaus vervult dit een behoefte. Het is ook een bewustwording bij de officials. Met één goede opmerking op een protocol kun je al heel veel. We bekijken hoe we daar het beste invulling aan kunnen geven.’

Pittige opdracht

Tot slot staat wordt geïnventariseerd hoe de KNHS een bijdrage kan leveren aan het organiseren van de wedstrijden door verenigingen. Adrianne: ‘We krijgen vaak terug dat veel mensen echt de handen uit de mouwen willen steken om een wedstrijd mee te organiseren, maar dat de ervaring en de knowhow ontbreken. We willen graag kijken hoe wij daarin de verenigingen kunnen versterken. Hoe is die behoefte en wat kunnen wij hierbij aanbieden? Daarnaast willen we kijken of we andere zorgen uit handen kunnen nemen bij de breedtesportwedstrijden, bijvoorbeeld de inschrijvingen.’


Dit mag alles bij elkaar gerust een pittige opdracht worden genoemd, maar: ‘We zijn het verplicht aan onze leden,’ aldus Adrianne. ‘We moeten het natuurlijk wel waarmaken. We kunnen van alles roepen, maar het moet wel gebeuren. Als je paardrijdt, hoef je zelf alvast niet over alles na te denken, hoef je niet alles te weten. Daar is de KNHS voor. Wij moeten het de sporter makkelijk maken, kennis ontwikkelen en beschikbaar stellen, kortom de voorwaarden creëren waar je als paardensporter op kunt vertrouwen.’

Wie is Adrianne?

Adrianne groeide op met de paardensport. Ze bewaart naar eigen zeggen de mooiste jeugdherinneringen aan de concoursen in de zomer met de ponyclub, waarbij het jaarlijkse ponykamp en de kampioenschappen de hoogtepunten vormden. Adrianne werkte bij de NKB in Tilburg, op het toenmalige bondskantoor van de katholieke landelijke rijverenigingen en ponyclubs. Vervolgens belandde ze bij de NHS, de Nederlandse Hippische Sportbond voor nationale en internationale sporters. De NKB en NHS fuseerden later met onder meer de KNF en NBVR tot de huidige KNHS. Via de NHS kwam Adrianne terecht bij Jumping Amsterdam, waar ze als directeur werkzaam was. In die periode kreeg ze de gelegenheid haar MBA-studie Sportmanagement aan de universiteit in Groningen te volgen. Daarna kwam de KNHS om de hoek kijken, waar ze lange tijd werkzaam was als teammanager van de niet-olympische disciplines, oftewel paradressuur, mennen en paramennen, endurance, voltige en reining. In oktober 2018 volgde een nieuwe uitdaging en werd Adrianne manager Wedstrijdsport. In die hoedanigheid is ze ook verantwoordelijk voor de afdeling Opleidingen.